In het begin was er slechts een enkele gang, maar gaandeweg ontstond een stelsel.
De gangen die op deze wijze ontstonden waren ongeveer 3,5 m hoog en zo'n 3,5 m breed. De gangen werden van elkaar gescheiden door pilaren van 4 tot 8 m dik. Gaandeweg groeide zo'n ontginning van een enkele gang uit tot een compleet stelsel. Had men het einde van een concessie bereikt, of kwam men in een slecht gedeelte, met bijv. veel vuursteen of slechte klei-achtige mergel, of met aardpijpen, dan werd de ontginning vaak in de diepte voortgezet. Gangen konden meerdere keren worden uit-gediept, totdat ze hoogten van wel 15 m bereikten. Vooral in de gangenstelsels van de St. Pietersberg komen veel van die uitgediepte gangen voor.